Na een dag op de piste is er niets fijner dan aanschuiven voor een dampend bord eten. De Alpen staan bekend om hun heerlijke, stevige keuken. Hier zijn de 8 gerechten die je absoluut moet proberen op wintersport.
1. Käsespätzle
Dit Oostenrijkse en Zuid-Duitse comfort food is het ultieme wintersportgerecht. Zachte eiernoodles bedekt met een dikke laag gesmolten kaas en gebakken uitjes. Simpel, maar onweerstaanbaar.
2. Schnitzel met Friet
Een goudbruin gefrituurd schnitzel met knapperige frietjes is een klassieker op elke berghut. Of het nou een Wiener Schnitzel (kalfsvlees) of een Schnitzel van varkensvlees is, het smaakt altijd goed na een dag snowboarden.
3. Kaiserschmarrn
Deze verscheurde pannenkoek met poedersuiker en appelmoes is een Oostenrijks dessert dat zo goed is dat je het ook als hoofdgerecht kunt eten. Licht, fluffy en heerlijk zoet.
4. Fondue
Kaasfondue is de ultieme groepsactiviteit op wintersport. Een pot gesmolten kaas waar je stukjes brood in dipt. Combineer het met een goed glas witte wijn en je hebt de perfecte avond.
5. Germknödel
Een groot, dampend gistbroodje gevuld met pruimenjam, geserveerd met vanillesaus en maanzaad. Dit Tiroolse gerecht is de perfecte combinatie van zoet en stevig.
6. Tiroler Gröstl
Een Tiroolse panschotel van aardappelen, ui, spek en rundvlees, afgetopt met een gebakken ei. Stevig, smaakol en precies wat je nodig hebt na een koude dag op de berg.
7. Raclette
Gesmolten raclette kaas die over aardappelen, augurken en zilveruitjes wordt geschraapt. Simpel maar zo lekker. Een must-try in elke Zwitserse of Franse skibestemming.
8. Apfelstrudel
Het perfecte einde van een wintersportdag: warme apfelstrudel met vanille-ijs of slagroom. De knapperige bladerdeeg met zoete appelvulling is een Oostenrijks meesterwerk.
Wat eet je op wintersport?
Op wintersport eet je voornamelijk stevige Alpengerechten die je de energie geven voor een dag op de piste. Populaire gerechten zijn Kasespatze (kaasnoodles), Schnitzel met friet, Kaiserschmarrn (verscheurde pannenkoek), fondue, Germknodel (gistbroodje met pruimenjam) en Tiroler Grostl (aardappelschotel met spek en ei). Op de berghut lunch je vaak met een dampend bord soep of een eenvoudige bratwurst. In de avond is een uitgebreid diner in een Gasthof of restaurant een belangrijk onderdeel van de wintersportervaring.
Wat is Kaiserschmarrn?
Kaiserschmarrn is een traditioneel Oostenrijks gerecht dat het beste omschreven kan worden als een verscheurde, dikke pannenkoek bestrooid met poedersuiker. Het wordt geserveerd met appelmoes of pruimencompote. De naam verwijst naar de Oostenrijkse keizer (Kaiser) Franz Joseph I, die er dol op zou zijn geweest. Het deeg is luchtiger dan een gewone pannenkoek doordat het eiwit apart wordt opgeklopt. Kaiserschmarrn wordt zowel als dessert als als volwaardig hoofdgerecht gegeten en is een absolute must-try op elke berghut in Oostenrijk.
Welke gerechten moet je proberen op wintersport?
De gerechten die je absoluut moet proberen zijn Kasespatze (de Alpen-variant van mac and cheese), een klassiek Wiener Schnitzel, en Kaiserschmarrn als dessert. In Zwitserland is een kaasfondue of raclette een onmisbare ervaring. In Frankrijk moet je een tartiflette proberen (aardappelschotel met reblochon kaas). In Oostenrijk is een Tiroler Grostl de perfecte lunch op de piste. Sluit je avond af met een warme Apfelstrudel met vanille-ijs. En vergeet niet een Germknodel te bestellen als je iets anders wilt dan de standaard gerechten.